1960 Bloeiende ijsbloemen op het slaapkamerraam

Soberheid. Woningnood. Dat is Nederland in 1960. Nog steeds in wederopbouw na de Tweede Wereldoorlog. Er wordt driftig gebouwd, dat wel, maar zonder aandacht voor comfort. In buurlanden krijgt een kwart tot 99 procent van de nieuwbouwwoningen centrale verwarming. Nederland blijft daar met vijf procent ver bij achter.
De meeste Nederlanders hebben een haard of kachel, slechts enkelen een eigen cv-installatie. Kolen, olie of fabrieksgas dienen als brandstof. Een kleine minderheid kan zich een gashaard veroorloven. Het gas, dat in fabrieken uit kolen wordt geproduceerd, is erg duur.

De gemiddelde Nederlander heeft één kolenkachel in huis. Op de ramen van de slaapkamers bloeien 's winters ijsbloemen. Huisvrouwen sjouwen dagelijks meermalen met kolen van het kolenhok naar hun kachel in de woonkamer. Ze krijgen veel stof en as in huis. En dan is er ook het dreigende gevaar van koolmonoxydevergiftiging.
De prijs van kolen stijgt maar door. Die van stookolie blijft wél gelijk. Vanaf 1952 raakt daarom de oliehaard - waarvan de aanschaf duur is - meer in zwang.

Get Adobe Flash player
Get Adobe Flash player

Een koude winterdag in Zuidlaren

Jaar: 1947
Bron: K. Terpstra
Wat: Winterbeelden van Zuidlaren in maart 1947. Een fragment uit: 'Zuidlaardermarkt en diversen'.